Een prachtig barokschilderij in een eenvoudige dorpskerk, dat vind je niet overal. Anthony van Dyck (1599-1641) was maar twintig jaar oud toen hij in Zaventem belandde.
Hij was onderweg naar Italië, maar werd verliefd op een vrouw die vlakbij de kerk woonde: Isabella. Om haar vader te overtuigen, schilderde hij gratis de patroonheilige van de kerk: Martinus van Tours. Martinus was een jonge Romeinse officier. Op een kille avond zag hij een halfnaakte bedelaar bij de stadspoort zitten. Hij kreeg medelijden en sneed zijn rode wollen mantel in tweeën, zodat de arme man zich kon verwarmen. Sint-Maarten wordt in onze streken nog altijd op 11 november gevierd.

Helaas kon Anthony Van Dyck de vader van Isabella niet overtuigen. Hij reisde door naar Italië, waar hij de schilderijen van de Italiaanse meesters bestudeerde. Daar legde hij de basis voor zijn carrière. Zo werd hij uiteindelijk de belangrijkste schilder van Antwerpen en later van Engeland. Elke Engelse edelman en edelvrouw wilde een portret door hem laten schilderen. Gratis werkte hij niet meer.
Van Dycks Sint-Martinus hangt al vierhonderd jaar in de kerk van Zaventem. De inwoners zijn er al die tijd trots op gebleven. In 1739 waren er plannen om het schilderij te verkopen. De parochianen hebben zich toen met geweld en klokkengelui verzet tegen de mannen die het schilderij kwamen ophalen. En ze hebben gewonnen.
Diese Geschichte wurde von OKV für FAAM – das virtuelle Museum – erstellt.





